Kenniscentrum voor fietsbeleid

Financiering koppelen

Bestaande financieringsbronnen en budgetten ten behoeve van fietsveiligheid kunnen slim gecombineerd worden. Door mee te liften, bestaande labels breed te interpreteren en slim om te gaan met subsidies.

Onder het koppelen van financiering verstaan we het slim combineren van bestaande financieringsbronnen en budgetten ten behoeve van fietsveiligheid. De best practices laten de volgende manieren zien:

  • Meeliften. Door mee te liften op andere projecten en budgetten van ruimtelijke ingrepen behalen veel gemeenten met weinig ‘fiets-gelabeld’ geld toch veel of snel resultaat. Gemeenten reserveren financiële middelen voor fietsveilige maatregelen binnen de budgetten van bijvoorbeeld een te ontwikkelen verkeersplein of woonwijk. Dit zorgt voor een snelle uitvoering zonder complexe besluitvorming (gemeente Tholen, gemeente Rotterdam).
  • Bestaande labels breed interpreteren. Door de maatregelen te koppelen aan andere doelstellingen of anders te labelen is ook ‘geld met geld te maken’. Zo kan het verwijderen van paaltjes bijvoorbeeld gelabeld worden als ‘onderhoud’: de maatregel bevordert niet alleen de fietsveiligheid maar beperkt ook de kosten voor onderhoud in de toekomst en is daarmee een duurzamere invulling (gemeente Amersfoort, gemeente Goes). Ook liggen er soms kansen in tijdelijke budgetten, zoals bij de ‘crisisgelden’ voor infrastructurele maatregelen.
  • Subsidies. Met subsidies is vaak tot 50% van het budget te financieren. Soms kunnen gemeenten subsidie vanuit het ROV krijgen voor gedragsmaatregelen. In de praktijk blijkt de inspanning die elke subsidieaanvraag kost voor de (kleine) gemeente een drempel te zijn. Door op regionaal niveau een ‘menukaart’ van maatregelen op te stellen waarvoor gemeenten zonder verdere subsidieaanvraag budget kunnen krijgen, is financiering snel geregeld (gemeente Groesbeek).

De consequentie van subsidiering is wel dat de subsidieverstrekker (provincie, regio) daarmee een behoorlijke invloed heeft op (de voortgang in) het project. Gemeenten betrekken hen daarom vaak al vroeg in het proces. Zo kunnen ze optimaal aansluiten bij hun randvoorwaarden, hen meenemen in de afwegingen en mogelijk zelfs van hun ervaring en expertise gebruik maken. Dit geldt voor zowel de eenvoudige als de complexe infrastructurele maatregelen. Bij gedragsmaatregelen is het interessant om als gemeente de eindgebruiker / subsidieontvanger (bijvoorbeeld een school) ook een deel zelf te laten bijdragen. Gemeenten creëren zo meer eigenaarschap en prioriteit (gemeente ‘s-Hertogenbosch, gemeente Pijnacker-Nootdorp).

Zeker als er meerdere gemeenten of partijen bij de uitvoering betrokken zijn, vooral bij de complexe infrastructurele maatregelen, is het zeker stellen van de financiering belangrijk maar ook lastig. Bestuurders spelen in dit soort projecten een grote rol (evt. via regio of provincie). Het helpt daarbij het gezamenlijk belang centraal te stellen en om niet alleen de wethouder Verkeer maar bijvoorbeeld ook de wethouder Financiën te betrekken (Fietssnelweg Hengelo, gemeente Tholen).

Als het proces richting uitvoering langdurig is, is het van belang daar ook de vruchten van te plukken. In de tussentijd kunnen nieuwe technieken beschikbaar zijn gekomen. Als het project de flexibiliteit heeft om deze toe te passen, kunnen kosten bespaard worden en tijdwinst geboekt worden (gemeente Peel en Maas).

Best Practices:

3. Gemeente Hengelo
Categorie: Complexe infrastructurele maatregelen

Realisatie van fietssnelweg d.m.v. voor langere tijd vrijmaken én behouden van financiele middelen.

7. Gemeente Peel en Maas
Categorie: Complexe infrastructurele maatregelen

Komst van nieuwe technieken zorgen voor een snellere realisatie van verlichting op thuis-school routes.

9. Gemeente Tholen
Categorie: Complexe infrastructurele maatregelen

Centrale probleemanalyse van verschillende wegbeheerders zorgt voor realisatie van een veilige school-thuisroute.

10. Gemeente Rotterdam
Categorie: Complexe infrastructurele maatregelen

Weinig weerstand tegen bouwwerkzaamheden door gebruik van actieve communicatie.

15. Gemeente Amersfoort
Categorie: Eenvoudige infrastructurele maatregelen

Slim verwijderen van (onnodige) paaltjes door inventarisatie via pilot en positieve aandacht in de media.

18. Gemeente Goes
Categorie: Eenvoudige infrastructurele maatregelen

Verwijderen (onnodige) fietspaaltjes door centrale analyse van het probleem en uitvoeringsgerichte inrichting van de organisatie.

19. Gemeente Leerdam
Categorie: Eenvoudige infrastructurele maatregelen

Strooien en borstelen van fietspaden op basis van ervaring uit de praktijk en aansluiting bij bestaande prioriteiten en activiteiten.

20. Gemeente Velsen
Categorie: Eenvoudige infrastructurele maatregelen

Verwijderen (onnodige) fietspaaltjes door samenwerking gemeentelijke afdelingen en efficiënte aanpak zonder inspraaktraject.

22. Gemeente Dalfsen
Categorie: Maatregelen gericht op gedrag/fietsvaardigheden

Aanbieden van een leertraject gericht op ervaren voor Middelbare scholieren, gefinancierd door een met behulp van lobby toegekende subsidie.

23. Gemeente 's-Hertogenbosch
Categorie: Maatregelen gericht op gedrag/fietsvaardigheden

Aanbieden van verkeerseducatie aan een groot deel van het VO door externe en interne samenwerking door de gemeente.

24. Gemeente Groesbeek
Categorie: Maatregelen gericht op gedrag/fietsvaardigheden

Financieel mogelijk maken van het aanbieden van een fietsinformatiedag voor senioren door middel van het versimpelen van het subsidietraject bij de Provincie.

26. Gemeente Pijnacker-Nootdorp
Categorie: Maatregelen gericht op gedrag/fietsvaardigheden

Realiseren van door de doelgroep (kinderen) ontwikkelde veilige looproutes door een positieve benadering van ouders en leerlingen en door mee te liften op andere projecten .

28. Gemeente Vlagtwedde
Categorie: Maatregelen gericht op gedrag/fietsvaardigheden

Aanbieden van een educatieprogramma op het voortgezet onderwijs met behulp van een projectenbureau.