Kenniscentrum voor fietsbeleid

Projectmatige werkwijze

Een heldere projectorganisatie is volgens de gemeenten een voorwaarde om de gekozen maatregelen succesvol uit te voeren. Ze brengen op structurele wijze medewerkers vanuit verschillende afdelingen om de tafel rond fietsveiligheid. Ook gaan ze slim om met capaciteitsknelpunten.

Een heldere projectorganisatie is volgens de gemeenten een voorwaarde om de gekozen maatregelen succesvol uit te voeren. Dit geldt voor zowel complexe als eenvoudige maatregelen.

Een heldere projectorganisatie bestaat in elk geval uit:

  • Een projectleider met mandaat.
  • Een integraal team (relevante (beleids)afdelingen en eventueel maatschappelijke partijen).
  • Commitment.
  • Een planning.
  • Heldere communicatie.

Gemeenten vinden het voor een efficiënte uitvoering van een maatregel belangrijk om op structurele wijze medewerkers vanuit verschillende afdelingen binnen de gemeente om de tafel te brengen rond het onderwerp fietsveiligheid. Dit sluit aan bij de integrale werkwijze zoals genoemd in paragraaf 2.2. Eventueel kan het team versterkt worden met deelnemers vanuit maatschappelijke partijen (zie ook 2.4). Door commitment in de vorm van een bepaald aantal te besteden uren te vragen, helpt dit medewerkers van andere beleidsafdelingen prioriteit te kunnen geven aan fietsveiligheid (gemeente Amsterdam, gemeente Achtkarspelen).

Hierbij geldt wel dat de kerk in het midden van het dorp moet worden gelaten. Tuig dus geen ‘kerstboom’ op waar dat niet nodig is, omdat dit snelle uitvoering in de weg staat. Bij eenvoudige infrastructurele maatregelen en gedragsmaatregelen is een kleine projectorganisatie voor de meeste gemeenten voldoende. Bovendien kan de fietsveiligheidsopgave soms worden toegevoegd aan de bestaande projectorganisatie wanneer aangesloten wordt bij andere ruimtelijke ingrepen.

Vaak is de beschikbare capaciteit het knelpunt om tot uitvoering te komen, zeker bij kleinere gemeenten. Aansluiten bij al bestaande projecten (van andere partijen) kan dan een oplossing zijn. Ook deelname aan een pilotproject kan helpen, zoals de best practice van de gemeente Amersfoort laat zien. In beide gevallen organiseer je zo een projectmatige werkwijze om toch tot uitvoering te komen, waarbij de ‘deadlines van buitenaf’ de voortgang in het project houden. Bij pilotprojecten is dit effect zelfs mogelijk zonder uiteindelijk deelnemer te zijn.

Naast de genoemde ‘minimale vereisten’ van een projectorganisatie zijn sleutelfiguren met enthousiasme, gedrevenheid en visie vaak de doorslaggevende factor. Zij vormen de drijvende kracht achter de (continuïteit in) uitvoering van fietsveiligheidsmaatregelen (gemeente Nijmegen, gemeente Rotterdam). Dit geldt zeker bij de meer complexe maatregelen en maatregelen waarbij veel partijen betrokken zijn.

Best Practices:

2. Gemeente Eindhoven
Categorie: Complexe infrastructurele maatregelen

Ontvlechten van de rotonde Hovenring in gemeente Eindhoven krijgt een belangrijke positie binnen fietsbeleidsplan door mee te liften op bestaande plannen.

6. Gemeente Nijmegen
Categorie: Complexe infrastructurele maatregelen

Realisatie van een Nijmeegs ontvlochten fietsroutenetwerk door creëren van regionaal draagvlak en continuiteit van beleid en uitvoering.

12. Gemeente Wierden
Categorie: Complexe infrastructurele maatregelen

Expliciteren van het belang van de fietser in het lokaal beleid en lokale maatregelen daaromtrent koppelen aan de regionale ontwikkeling.

15. Gemeente Amersfoort
Categorie: Eenvoudige infrastructurele maatregelen

Slim verwijderen van (onnodige) paaltjes door inventarisatie via pilot en positieve aandacht in de media.

20. Gemeente Velsen
Categorie: Eenvoudige infrastructurele maatregelen

Verwijderen (onnodige) fietspaaltjes door samenwerking gemeentelijke afdelingen en efficiënte aanpak zonder inspraaktraject.

23. Gemeente 's-Hertogenbosch
Categorie: Maatregelen gericht op gedrag/fietsvaardigheden

Aanbieden van verkeerseducatie aan een groot deel van het VO door externe en interne samenwerking door de gemeente.

26. Gemeente Pijnacker-Nootdorp
Categorie: Maatregelen gericht op gedrag/fietsvaardigheden

Realiseren van door de doelgroep (kinderen) ontwikkelde veilige looproutes door een positieve benadering van ouders en leerlingen en door mee te liften op andere projecten .

27. Gemeente Rotterdam
Categorie: Maatregelen gericht op gedrag/fietsvaardigheden

Slim combineren van verschillende verkeerseducatieprogramma's en het bijscholen van gymdocenten tot fietsdocent.

29. Gemeente Achtkarpselen
Categorie: Overige maatregelen

Samenwerking tussen vier gemeenten bij inhuur van een beleidsmedewerker verkeersgedrag.

30. Gemeente Amsterdam
Categorie: Overige maatregelen

Identificatie en verbetering van gevaarlijke kruispunten door een gemeentelijke werkgroep met door de gemeente gefinancierde borging.